Het was voor mij de eerste keer dat ik een cursus via het internet volgde. Ik heb soms tot in de vroege uurtjes achter mijn computer gezeten, maar het was de moeite waard. Ik vond '23 dingen' een leerzame ontdekkingstocht. Het grote nadeel - als je op eigen houtje aan zo'n online-cursus begint - is het gebrek aan feedback. Het was af en toe moeilijk om gemotiveerd te blijven.
Maar... nu begint het pas. Een cursus volgen is één ding, nu komt het erop aan om de opgedane kennis in de praktijk te brengen. Een aantal toepassingen kunnen ongetwijfeld hun nut bewijzen. YouTube en Flickr kunnen ingezet worden om de bibliotheek te promoten. In wiki's zie ik vooral een instrument om de interne communicatie te verbeteren. Andere tools kunnen gelinkt worden aan de catalogus of geïntegreerd worden in de website van de bibliotheek. Denk maar aan podcasts, Librarything, RSS en Last.fm. Andere dingen vind ik minder relevant voor de bibliotheek. Daaronder valt ongetwijfeld het chatten, maar ook over het nut van sociale netwerksites heb ik nog mijn twijfels.
Ik geloof dat web 2.0 heel wat kansen biedt om de bibliotheek dichter bij de leners te brengen. Dit zal echter veel van onze tijd vergen en een verandering in onze manier van denken en handelen vragen. Als we als bibliotheek overeind willen blijven in deze digitale wereld, is het belangrijk dat we op de hoogte blijven van nieuwe technologische ontwikkelingen. Dit wil echter niet zeggen dat we er ons obsessief mee moeten bezighouden en de bestaande bibliotheekdiensten overboord moeten gooien. Er zijn immers nog veel leners die enkel willen weten waar een bepaald boek staat en lak hebben aan al die digitale snufjes.
Web 2.0 leer je niet in 23 dingen. De praktijk zal uitwijzen of de verwachtingen van een interactieve bibliotheek kunnen ingelost worden. De cursus heeft me alvast bewust gemaakt van de vele mogelijkheden die het internet biedt en ik wil me er in de toekomst nog meer in verdiepen.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten